Login

2012

Stakeholders kiezen voor lef en innovatie

Nederlandse werknemers, zakenpartners en investeerders kiezen steeds vaker voor innovatieve bedrijven die risico’s durven nemen, ongeacht hun omvang. Bedrijven die in crisistijd vooral herstructureren en niet vernieuwen, verliezen daardoor concurrentiekracht. Dat blijkt uit het jaarlijkse Incompany 500-onderzoek onder 5.000 decision makers naar de aantrekkingskracht en reputatie van organisaties.

Ziggo, ASML, UPC, Siemens, NXP, Jumbo, Apple, IBM en Google verdubbelden in de afgelopen twee jaar hun aantrekkingskracht op werknemers, zakenpartners en investeerders. Dit terwijl overheden en veel ‘Koninklijke’ concerns, zoals KPN, Philips en TNT, structureel verloren in het onderzoek. Deze meer behoudende organisaties, die bekendstaan vanwege hun focus op kostenreductie, verliezen terrein op de jonge bedrijven die met durf en vernieuwingsdrang de aanval inzetten op de concurrentie. Uiteindelijk kost hen dat volgens Incompany concurrentiekracht. “Organisaties die de meeste en belangrijkste stakeholders achter zich krijgen, winnen uiteindelijk de strijd,” gelooft René Gerhardus, hoofdredacteur van het zakenblad. “Het is geen toeval dat Eelco Blok, de ceo van KPN, vorig najaar verraste met de mededeling meer aandacht aan andere stakeholders te gaan besteden dan alleen aan investeerders. KPN verloor in 2011 al een kwart van zijn aantrekkingskracht, waarna de problemen zich opstapelden.”

Shell
Niet alle multinationals verliezen in dit onderzoek. Unilever wint voor het derde opeenvolgende jaar flink terrein op basis van zijn duurzame herpositionering; het levensmiddelenconcern passeert KPN en ABN Amro in de ranglijst. Shell is zelfs de nieuwe nummer één in de top 500. Na drie jaar lukt het dit bedrijf om een grotere aantrekkingskracht op stakeholders te hebben dan Rabobank, die naar plaats twee terugzakt. Incompany verbindt dit aan de miljarden die Shell jaarlijks in technologische vernieuwing steekt om meer olie en gas te winnen. Gerhardus: “Ze hadden na de reservecrisis van 2004 wat goed te maken en bleven hun investeringen in research en development opvoeren. Dit jaar passeren ze BP als olieconcern dat de meeste olie uit de grond haalt. Net als bij Unilever is het de drang naar vernieuwing die Shell terugbrengt naar de top, niet hun staat van dienst. Dat is wat er nu verandert.”

23 mei 2012

Grootste bedrijven profiteren van crisis

Het effect van de crisis op de klanttevredenheid bij zakelijke dienstverleners fluctueert sterk. Kleine en middelgrote adviesbedrijven zien de tevredenheid van hun klanten dit jaar snel verslechteren, terwijl de allergrootste concerns zich juist verbeteren. Dat blijkt uit het jaarlijkse Incompany 100-onderzoek onder 3.331 decision makers naar de klanttevredenheid bij 165 zakelijke dienstverleners.

In de afgelopen acht jaar kregen kleine en middelgrote private banks, accountantskantoren, advocatenkantoren, consultancybedrijven en automatiseerders in dit onderzoek de hoogste rapportcijfers van klanten. Het lukte de big four-kantoren bijvoorbeeld nooit om de accountancysector te winnen. Maar inmiddels draait dat beeld: in zeven van de negen onderzochte branches leiden juist de allergrootste organisaties. Hewlett-Packard, ING, Ernst & Young en KPMG winnen in één of meerdere sectoren. Daarnaast behalen Rabobank, ABN Amro en IBM meerdere top 3-noteringen. “Het lijkt erop dat veel kleine advieskantoren niet in staat zijn om de benodigde investeringen in de kwaliteit van dienstverlening te blijven doen,” gelooft René Gerhardus, hoofdredacteur van Incompany. “De crisis duurt langer dan gedacht en hun reserves raken op, daar profiteren de grote spelers van. Zij hebben de financiële slagkracht die nodig is en gebruiken die nu om marktaandeel te winnen.”

Grootbanken
Dit effect is vooral sterk in de financiële sector. Onder de private banks nemen ING Private Banking, ABN Amro MeesPierson en Rabobank een onoverbrugbare voorsprong op de andere partijen. Daarnaast is ING eveneens de nummer één onder de zakenbanken en bereikt het een tweede plaats in de sector corporate finance. Dat maakt van ING volgens Gerhardus de grote winnaar. “Terwijl de marktomstandigheden moeilijk zijn en de publieke verontwaardiging groot blijft, heeft deze partij hard gewerkt aan haar dienstverlening. Daarvoor verdient ze respect.”

Winnaar
Ondanks de opkomst van de grote advocatenkantoren – met Loyens & Loeff, Van Doorne en Houthoff Buruma in de top 5 – zijn het JPR Advocaten en De Haan die in deze sector domineren. JPR krijgt zelfs de allerhoogste rapportcijfers van het hele onderzoek en redt de eer van de middelgrote en kleine adviesbedrijven. Dit middelgrote kantoor wint de top 100.

20 september 2012

'Alleen gezonde bedrijven moeten investeren in werknemers'

Als gezonde bedrijven investeren in de ontwikkeling van hun werknemers, heeft dat een positieve uitwerking op hun financiële performance. Voor bedrijven met een return on investment lager dan acht procent geldt echter dat deze investeringen totaal niet renderen. Dat blijkt uit onderzoek van de Universiteit van Amsterdam en het zakenblad Incompany.

Na uitgebreid onderzoek heeft de Universiteit van Amsterdam een sterke correlatie ontdekt tussen de uitkomsten van het onafhankelijke medewerkertevredenheidonderzoek Incompany 200, dat sinds 2005 onder ruim 6.000 werknemers gehouden wordt, en de financiële performance van bedrijven. Hieruit blijkt dat bedrijven met een return on investment van minimaal acht procent alle kosten van hr-investeringen terugverdienen en daarbovenop hun winst en kasstroom sterk zien toenemen. Als hun rapportcijfers voor het geboden carrièreperspectief in het Incompany 200-onderzoek met een vol punt stijgen, levert dat gemiddeld een extra return on investment van 6,86 procent op. “Dit is een sterk effect en geeft aan dat het voor deze groep bedrijven interessant is om te investeren in hun werknemers,” stelt associate professor Frank Verbeeten van de Universiteit van Amsterdam.

Toekomstperspectief
Eenzelfde stijging van de rapportcijfers levert echter helemaal niets op voor bedrijven die financieel minder sterk presteren. “Het blijkt dat er een omslagpunt is vanaf waar het zin heeft om in medewerkers te investeren. Bij bedrijven die te ver zijn teruggezakt met hun winst, tot een return on investment onder de acht procent, heeft het geen zin om langetermijninvesteringen te doen in werknemers,” stelt Verbeeten. “We zien dan geen positief effect meer op de toekomstige winstgevendheid van de organisatie. Waarschijnlijk geloven die werknemers, ondanks die inspanningen, dan toch niet meer in een goed toekomstperspectief, waardoor de positieve effecten van investeringen in hun ontwikkeling verloren gaan.”

Arbeidsvoorwaarden
Voor deze groep bedrijven is er nog wel een significant positief verband tussen de rapportcijfers voor de arbeidsvoorwaarden en de kasstromen. “Dat zijn de gouden handboeien. Op korte termijn worden medewerkers bij financieel minder sterke bedrijven nog wel gemotiveerd door een financiële prikkel. Het verbetert de kasstroom, niet de winst.” Dit betekent volgens hem dat bedrijven met een minder sterke financiële performance beter eerst kunnen reorganiseren om pas daarna weer te investeren in opleidingen en andere carrièremogelijkheden.

Winnaars
In de nieuwste editie van het onderzoek veroorzaken reorganisaties een all time low voor de baanzekerheid van werknemers. Met name in de IT- en supermarktsector presteren bedrijven dit jaar erg zwak, deze bedrijven staan bijna allemaal onder in de ranking. Bedrijven die opvallend sterk scoren, zijn onder andere Ahold, Rabobank, Unilever, ASML, Vodafone, Ikea, Arcadis, Heijmans en de nieuwe overallwinnaar T-Mobile.

12 december 2012